Lente
In het voorjaar loopt de temperatuur geleidelijk op, maar nachtvorst blijft vooral vroeg in het seizoen mogelijk.
Droge voorjaarsperioden kunnen relatief snel tot een neerslagtekort leiden doordat verdamping toeneemt.
Langjarige informatie over temperatuur, neerslag, seizoenen en klimaatverandering in Apeldoorn en de directe omgeving van de Veluwe.
Het klimaat van Apeldoorn past binnen het gematigde Nederlandse zeeklimaat, maar de ligging aan de oostkant van de Veluwe zorgt lokaal voor verschillen in neerslag, temperatuur en wind.
Voor klimaatvergelijkingen gebruikt het KNMI langjarige gemiddelden over perioden van dertig jaar. De meest recente klimaatnormalen hebben betrekking op 1991–2020.
De Veluwe behoort tot de gebieden in Nederland waar relatief veel neerslag kan vallen. Het reliëf speelt daarbij een rol. Lucht die tegen hoger terrein wordt opgestuwd kan afkoelen, waardoor vocht gemakkelijker condenseert en neerslag ontstaat.
Dat betekent niet dat iedere bui boven Apeldoorn zwaarder is dan elders. Neerslag blijft sterk afhankelijk van windrichting, buientype en de ligging van afzonderlijke neerslaggebieden.
De oude pagina Alle weercijfers over Apeldoorn beschreef Apeldoorn al als een relatief natte regio. In deze nieuwe pagina wordt die uitleg samengebracht met actuele KNMI-klimaatdata en bronvermelding.
In het voorjaar loopt de temperatuur geleidelijk op, maar nachtvorst blijft vooral vroeg in het seizoen mogelijk.
Droge voorjaarsperioden kunnen relatief snel tot een neerslagtekort leiden doordat verdamping toeneemt.
De zomer kent de hoogste temperaturen, maar ook de grootste kans op lokale zware buien.
Langere droge perioden kunnen worden afgewisseld door korte perioden met veel neerslag.
In de herfst neemt de hoeveelheid neerslag vaak toe en worden windrijke situaties belangrijker.
De eerste nachtvorst kan later in het seizoen weer optreden.
Winters zijn gemiddeld zacht in vergelijking met een continentaal klimaat, maar vorst, sneeuw en gladheid blijven mogelijk.
De verschillen tussen afzonderlijke winters kunnen groot zijn.
Een warmer klimaat kan meer waterdamp bevatten. Daardoor kunnen zware neerslaggebeurtenissen intensiever worden. Het KNMI geeft aan dat neerslagextremen in Nederland zijn toegenomen en dat extreme zomerbuien in een warmer klimaat verder kunnen toenemen.
Bij afzonderlijke buien blijft veel onzekerheid bestaan. Een zware bui kan lokaal veel regen geven terwijl enkele kilometers verderop weinig valt.
Klimaatverandering betekent niet alleen meer zware regen. Hogere temperaturen zorgen ook voor meer verdamping. Daardoor kan tijdens perioden met weinig regen het neerslagtekort sneller oplopen.
De KNMI'23-klimaatscenario's laten voor Nederland onder andere een toename van hitte en droogte zien. Ook worden winters gemiddeld natter en zomers gemiddeld droger, waarbij de precieze verandering afhangt van het klimaatscenario.
De KNMI'23-klimaatscenario's beschrijven vier mogelijke ontwikkelingen voor Nederland. In alle scenario's stijgt de gemiddelde temperatuur. Ook neemt de kans op hitte toe.
Verder laten de scenario's een ontwikkeling zien richting drogere zomers, nattere winters en zwaardere extreme zomerbuien. De omvang van die veranderingen hangt af van de toekomstige uitstoot van broeikasgassen en van de ontwikkeling van het klimaatsysteem.
Voor Apeldoorn betekent dit dat zowel wateroverlast als droogte relevante onderwerpen blijven. Juist die combinatie is belangrijk voor tuin, natuur en buitenactiviteiten.
Het actuele weer beschrijft de omstandigheden op dit moment en in de komende dagen. Klimaat gaat over gemiddelden, trends en extremen over veel langere perioden.
Voor de actuele situatie gebruik je daarom de weersverwachting.
Voor klimaatgemiddelden en langjarige ontwikkelingen wordt gebruikgemaakt van informatie van het KNMI. Voor actuele weerdata gebruikt Weersite Apeldoorn een aparte weer-API.